trams > Brussel

rail.life > trams > Brussel

Na de tweede wereldoorlog reden er op het Brusselse tramnetwerk voornamelijk kleine tweeassige trams, al dan niet aangevuld met een bijwagen.
Met het oog op de toekomst, werden er in de jaren 1950 in drie bestellingen 155 stuks van de toen erg moderne PCC-tram geplaatst.
Een 156e tram, wat in feite de eerste tram van de gehele reeks is, die aan de Duitse stad Hamburg was geleverd om al daar onder het nummer 3060 te rijden, werd nadien naar Brussel over gebracht (de tram beviel de Duitsers niet) en kreeg in Brussel het nummer 7000.
De eerste twee bestellingen, de eerste 80 (of 81) exemplaren dus, waren volledig nieuwbouw, maar de derde bestelling van 75 trams was voorzien van tweedehands-draaistellen en diverse tweedehands-onderdelen, die waren aangekocht uit Amerika. Deze onderdelen waren afkomstig uit trams van een opgeheven tramnet.

De MIVB wenste haar tramnet te vereenvoudigen (minder aantal lijnen, maar de lijnen die overbleven gingen een grotere capaciteit en frequentie krijgen), daarom gaf de maatschappij de opdracht aan trambouwer BN de opdracht om een gelede PCC te ontwikkelen.
Het antwoord van BN was het prototype 7501, die in feite niet veel meer was dan een gelede 7000. Omdat niet alle draaistellen aangedreven waren (te weinig kracht op de Brusselse hellingen!) is de MIVB nooit over gegaan tot een seriebestelling. Later werd de tram vernummerd in PCC 7500. In de jaren 1980 kreeg deze éénling de bijnaam "Caroline", en alsnog drie aangedreven draaistellen.
Rond 1970 had de MIVB dringend nood aan nieuwe trams, maar 8 jaar na het in dienst stellen van de gedeeltelijk aangedreven 7501 stond BN nog steeds niet op punt om een volledig aangedreven serie gelede PCC's te bouwen. Vandaar dat de MIVB in 1970 nog een bijkomende reeks van 16 PCC's 7000 bijbestelde.

In 1972 volgde dan de aflevering van 98 trams, reeks PCC 7501 (7501 - 7598). Dit waren eveneens éénrichtingtrams, maar voorbereid voor het verbouwen naar tweerichtingtrams.
De serie werd gevolgd door 30 trams reeks PCC 7800 (7801 - 7830), die identiek waren aan de reeks PCC 7501, maar wel in tweerichtings-uitvoering.
In de jaren 1980 werd de serie 7501 verbouwd tot tweerichtingtrams, hierbij werd de 5 in het reeksnummer een 7. Enkele trams van de reeks 7800 werden vernummerd, zodat er één grote reeks van 7701 tot 7827 ontstond (één tram was reeds verdwenen, uitgebrand).
Na de aflevering van de gelede PCC-trams is er nog één serie van 61 dubbelgelede PCC's (PCC 7900) op de sporen in Brussel verschenen. Technisch gezien ging het hier om twee gekoppelde PCC-trams, vandaar de twee pantografen. De trams van deze reeks onderscheiden zich vooral van de andere PCC's door hun comfortabele zitplaatsen.

Na de aflevering van de 7900-reeks heeft de MIVB lang geen nieuwe tramreeksen besteld.
Enerzijds werd in de jaren 1970 en 1980 al het geld opgeslorpt door nieuwe metroprojecten, anderzijds kromp het tramnet langzaam maar zeker in elkaar.
Toen het openbaar vervoer in 1991 werd geregionaliseerd, werd het beleid over een geheel andere boeg gegooid. Metroplannen werden in de vriezer gestoken, en men begon zich na lange tijd opnieuw te focussen op het tramnet.
In die lijn ligt de bestelling van 51 trams van de reeks 2000. Bedoeling was dat dit een grote reeks zou zijn, die vooral op de pre-metrolijnen 3 en 5 ging rijden. Toen bleek dat dit niet mogelijk was wegens allerlei technische problemen, wist de MIVB lang geen blijf met deze trams. Omdat de trams bijzonder veel trillingen veroorzaken bij onder meer huizen langs het tramtraject, zijn de trams 2000 op heel wat lijnen niet toegelaten.
Dankzij de instroom van de T2000 kon een deel van de trams reeks 7000 aan de kant gezet worden. Een opmerkelijke gebeurtenis is dat eind jaren 1990 een drietal PPC's reeks 7000 verbouwd werden tot tweerichtingstram om te dienen als opleidingstram voor bestuurders enerzijds en werktram anderzijds.

In het begin van de 21ste eeuw heeft de MIVB besloten haar trammaterieelpark grondig te vernieuwen. In vier bestellingen werd/wordt de reeks 3000 geleverd, in totaal 151 stuks. De trams bestaan uit 5 kastdelen, die rusten op 3 wielelementen (dit zijn geen draaistellen).
Eveneens werden 69 trams van de reeks 4000 besteld (in drie bestellingen), deze trams zijn identiek aan de trams van de reeks 3000, doch iets langer; 7 bakken rustend op 4 wielelementen. De levering van de trams series 3000 en 4000 loopt de volgende jaren door.
De trams type 3000 en 4000 verdrongen intussen een groot deel van de PCC's: de reeks 7000 en eveneens prototype 7500 reden in 2010 voor het laatst. Van de PCC's reeks 7700 zijn intussen ook al heel wat exemplaren afgevoerd, en allicht verdwijnt deze serie over enkele jaren eveneens geheel van het toneel. Enige reeks PCC's nog in reizigersdienst zal dan de 7900 zijn.

> reeksen

reeks nummering bouwjaar opmerkingen
* PCC 7000 7000 - 7050 1951
7051 - 7080 1955
7081 - 7155 1957
* PCC 7500 7500 1962 Prototype zonder seriebestelling, bijnaam 'Caroline'.
* PCC 7000 7156 - 7171 1970
PCC 7700 7701 - 7827 1971 Tram 7733 was in 1999 als proef tijdelijk uitgerust met een vergrote bestuurderscabine (aan één zijde).
Trams 7713 en 7786 waren van 1999 tot 2001 als proef voorzien van automatische koppelingen (aan één zijde). Hiermee is korte tijd in reizigersdienst gereden (op lijn 3).
PCC 7900 7901 - 7961 1977 PCC 7907 was van 1993 tot 2005 uitgerust met experimentele zwenk-zwaai-deuren.
T 2000 2001 - 2051 1993
T 3000 3001 - 3027 2005
T 4000 4001 - 4019 2007
T 3000 3028 - 3049 2007
3050 - 3074 2009
T 4000 4020 - 4035 2010
T 3000 3075 - 3151 2011
T 4000 4036 - 4069 2013

(Bovenstaande tabel geeft enkel de tramreeksen weer waarvan een foto beschikbaar is.)



terug    © ThomSten 2000 - 2017